Concertrecensiesuitgelicht

Silbersee streeft John Zorn op November Music voorbij

voor Ad de Roij

Ad de Roij was componist en concertpianist. Hij overleed op 3 november. Het bericht van zijn dood bereikte de schrijver van deze recensie tijdens een van de uitvoeringen van November Music.

 

Nova-Express-Foto-Gemma-van-der-Heyden-JazzNu.com_ Silbersee streeft John Zorn op November Music voorbij
Joey Baron en Kenny Wollesen maken deel uit van het Nova Quartet dat muziek speelde van John Zorn.

De veelkleurigheid van November Music houdt in dat de programmering van het elf dagen durende festival voor nieuwe muziek een aantal hoogtepunten kent. Na vijf dagen festival steekt er één onderdeel torenhoog bovenuit: ‘Homo Instrumentalis’ van Silbersee. Bijzonder was de John-Zorndag die negen concerten telde. Waarbij het enfant terrible van de nieuwe muziek zelf aanwezig was en tijdens twee concerten ook optrad. JazzNu vat de eerste vijf dagen November Music samen in één grote beschouwing.

Negen concerten, op evenzoveel verschillende plekken. Beginnend om 10 uur ’s morgens en eindigend na middernacht. Een slijtagemarathon derhalve, die niettemin drommen volk trok, met name uit Oost-Europa. Zo leek het althans, want tijdens de wandeltochten van het ene naar het andere podium leek de voertaal Russisch. Maar het kan natuurlijk ook Roemeens, Bulgaars of Pools zijn geweest…

JOHN ZORN

Mag de programmering van November Music veelkleurig zijn, de compositorische en uitvoerende gaven van John Zorn zijn dat nog meer. Zijn concert The Hermetic Organ Office Nr 18 in de overvolle St-Janskathedraal op een drukke zaterdagmiddag zal velen blijven heugen. Zorn introduceerde zich vol op het orgel, zo van: hier-ben-ik-dan. Om vervolgens te gaan goochelen met een reeks hoge fluittonen. In het een half uur durende concert improviseerde de Amerikaan vooral met de klankkleuren van het immense instrument. Gaandeweg leek het er op dat hij die naar eigen inzicht nog eens grondig wilde doorspitten. Soms liet hij lange tonen doorklinken om vervolgens andere vondsten met dalende toonladders aan banden te leggen. Hij nam de tijd voor ruim bemeten stiltes, om dan zonder enige aarzeling door te halen naar de machtigste volumes die een kerkorgel kan voortbrengen. Fraai was hoe hij lang aangehouden orgellijnen benutte als basis voor behoedzame improvisaties. Hier rest derhalve maar één conclusie: Oh heer, laat John Zorn terugkeren in uw huis, opdat uw geliefde orgel verder wordt ontdaan van alle smetten!

Brian-Marsella-Foto-gemma-van-der-heyden-JazzNu.com_ Silbersee streeft John Zorn op November Music voorbij
Brian Marsella schitterde in ‘Bagatelles II’ van John Zorn.

Van geheel andere aard was het programma Bagatelles II. Pianist Brian Marsella speelde vijf bagatelles waarin de oeverloze fantasie van John Zorn duidelijk aan de oppervlakte trad. Achtereenvolgens hoorde je invloeden van ragtime, Antonín Dvorák, Broadwayklanken, John Cage en Sergej Rachmaninov. Van de laatste niet zozeer zijn stijl, wel zijn op virtuositeit gestoelde concept. Zorn slaagde er in alle vijf de stukken in niet te vervallen in kopiëren, wel in zorgvuldig aanvullen. Meteen hierna nam het Nova Quartet bezit van het podium. Buiten discussie staat dat hier weer eens werd getoond dat de geniale gaven van Zorn toch vooral wortelen in jazz en de volksmuziek van zijn joodse voorouders. Met de all-starbezetting van John Medeski op piano, Kenny Wollesen op vibrafoon, Trevor Dunn op contrabas en vooral Joey Baron op slagwerk kan er weinig misgaan. Maar tegelijkertijd ook veel worden toegevoegd aan de adagia jazz en jiddische muziek. Het concert bruiste van uitbundige vrolijkheid, virtuositeit en verbluffende inbreng van ieder bandlid.

Al deze kwalificaties werden teniet gedaan in het onderdeel Chamber Music in Theater aan de Parade. Ook hier weer een bomvolle zaal, die zes composities kreeg voorgeschoteld, vertolkt door het Nederlandse topensemble Asko | Schönberg. Dat zijn reputatie volledig waarmaakte, daar niet van. Het concert werd echter een proeve van volhouden. Chamber Music zou een uur duren, maar werd met veertig minuten veel te fors overschreden. Waarop een deel van de aanwezigen al na het vierde stuk het hazenpad koos en onderweg ging naar de volgende Zorn-locatie: het Willem Twee Poppodium.

John Zorn als componist van eigentijdse, gecomponeerde muziek, in die hoek van zijn kunsten heeft hij een minder geprofileerde positie. Hij lijkt bij het componeren heel erg te rade te gaan bij Europese muziekbroeders. Een bevriende relatie gaf deze recensent ter overweging – nadat Asko | Schönberg Bateau Ivre ten gehore had gebracht – Pierre Boulez’ Le Marteau sans Maître eens terug te luisteren. En warempel, de overeenkomsten van John Zorn zijn al te duidelijk. Je zou wensen dat hij bij het schrijven van hedendaagse gecomponeerde muziek op dezelfde wijze zou putten uit zijn vaderlandse wortels als bij het schrijven van jazz. John Cage, Elliott Carter, Morton Feldman en Frank Zappa zijn immers rijke bronnen, die nog lang niet zijn uitgeput. De laatste zou een inschuivend verlengstuk kunnen zijn van Zorns bezigheden als jazzmusicus, Feldman zou het expressionisme dat ook in Zorns werk schuilt, nieuwe, duidelijker draagkracht kunnen verlenen. In het stuk Orphee, waaraan elektronicaspecialist Ikue Mori medewerking verleende, werd het abstracte van Zorns werk doorbroken door welhaast frivole elektronische aanvullingen op de los van elkaar klinkende harp, clavecimbel, viool, fluit en slagwerk. En dat gaf lucht, veel lucht.

Silbersee-Foto-Gemma-van-der-Heyden-JazzNu.com_ Silbersee streeft John Zorn op November Music voorbij
Silbersee bracht met ‘Homo Instrumentalis’ de samenwerking en teloorgang van mens en machine op het podium.

SILBERSEE

Ze zijn niet met elkaar te vergelijken, No More Masterpieces van Wolfgang Rihm (waarover verderop meer) en Homo Instrumentalis van Silbersee. Toch zijn er raakvlakken, zoals de abstractie die modern gecomponeerde muziek kenmerkt. Tekenend was echter het verschil in expressie dat beide concepten opriepen. Was Rihm de kunstenaar die zich bij het componeren tussen 2006 en 2008 slechts wilde verhouden tot zijn zelf opgelegde strakheid, Homo Instrumentalis werd samengesteld uit het werk van twee componisten, die hun aandeel dit jaar schreven: Yannis Kyriakides en Georges Aperghis, aangevuld met een compositie van Luigi Nono uit 1964. Werken die je zonder meer in de categorie abstract zou indelen, omdat ze gaan over de Mens en zijn Machines. Maar dat pakte heel anders uit: Homo Instrumentalis is het voorlopige hoogtepunt van November Music 2017.

Dit multimediale meesterwerk valt uiteen in vier delen die gekoppeld zijn aan stukken van voornoemde componisten: de makende mens (op muziek van Kyriakides’ Akamton), de industriële mens (op Nono’s La fabbrica illuminata), de cybermens (op Aperghis’ Machinations, de versie uit 2017) en de toekomstige mens (op Kyriakides’ Aphthiton). Dit alles in handen van Silbersee, het zo vooruitstrevende Amsterdamse gezelschap dat onorthodox muziektheater en experimentele opera samenvoegt. Voor deze schitterende productie vormden vrouwelijke en mannelijke zangers/dansers de kern. Gekoppeld aan een sublieme lichtshow, een hallucinerend decor en de nieuwste computertechnieken werd ongekend, futuristisch muziektheater gebracht dat zijn gelijke niet kent.

Asko_Schönberg-Foto-Gemma-van-der-heyden-JazzNu.com_ Silbersee streeft John Zorn op November Music voorbij
Asko | Schönberg voerde ‘A Rebours’ uit van John Zorn, met als solist Jay Campbell op cello (links).

In deel één werd de makende mens ten tonele gevoerd, vormgegeven door vier tempelmaagden die met teksten van de Griekse tragediedichter Sophocles en de klanken van Yannis Kyriakides een overrompelend begin inzetten. In dichte mist zag je achterop het podium vier anderen die met hun handen voorwerpen lieten ronddraaien die geluid van wind produceerden en zo de oermens in een natuurlijke habitat plaatsten. Voor deel twee werd een reuzenstap in de tijd gezet, naar de negentiende en twintigste eeuw toen de mens ten onder dreigde te gaan aan de industriële revolutie. De Fabriek van de Doden was het centrum waar het leed en het gevaar dat arbeiders liepen in de nabijheid van machines werden uitgebeeld. Industriële geluiden en licht als een lopende fabrieksband gaven een beklemmende vaart aan de voorstelling; de lijdende mens die je vaag in een niet te stoppen rij zag voortstrompelen kneep je keel dicht. Acht mensen die de Stad van de Doden torsten droegen gelaten het lot dat het industriële monster hen oplegde.

De computergestuurde mens bezette deel drie. De acht acteurs spraken in computerletters binnen een decor dat je ervan overtuigde dat die acht mensen zich in het binnenste van een computer bevonden. Spreekt hier de mens of de robot, zo vroeg je je af. Soms kwam er nog een enkele menselijke eigenschap bovendrijven: een kind huilt, maar hoe pak je dat als computer aan? En dan deel vier: de mensheid is opgelost, ten offer gevallen aan zijn machine. Wat is zijn toekomst? Silbersee gaf geen direct antwoord, maar de slotbeelden van verloren sterren konden wel eens de eeuwige dwaaltocht verbeelden van wat ooit mensen waren. Homo Instrumentalis werd hiermee een magnifiek evenement, een dat het Holland Festival ondergeschikt zou maken aan wat hier op dit prachtige November Music aan den volke werd gepresenteerd.

No-more-Masterpieces-Foto-Gemma-van-der-heyden-JazzNu.com_ Silbersee streeft John Zorn op November Music voorbij
Dirigent Dylan Corlay in ‘No More Masterpieces’ van Wolfgang Rihm, uitgevoerd door Ensemble Intercontemporain en 33 1/3 Collective.

WOLFGANG RIHM

Volledig dicht gecomponeerde muziek lag ten grondslag aan No More Masterpieces van Wolfgang Rihm. De Duitse componist had de uitvoering in handen gelegd van Ensemble Contemporain, dat samenwerkte met het Nederlandse kunstenaarsplatform 33 1/3 Collective. Dat zorgde voor iets ongelooflijks: een videopresentatie die was opgebouwd langs hallucinaties. Met beelden van in flarden geknipte witte sokken die stof doen opwaaien; aan het hoofd gewonde legionairs, militaire kepies, een boomstam waar van alles mee gebeurt en die uiteindelijk in een kopieermachine terecht komt, een 2CV die uit het water wordt getild en nadien geplet, een mes dat in een onderarm snijdt en het naar buiten gulpende bloed dat door een rvs-kom wordt opgevangen. En een nagel, een van een grote teen, waar een schaar driehoeken uitknipt. Dit alles zo realistisch opgenomen dat je huivert bij alle getoonde ellende. En soms lacht, als brandweermannen met een vangnet een meteoriet veilig stellen. De ervaring werd helemaal buitenaards toen het projectiedoek zichzelf ging vernietigen, zich als het ware ging opeten. Het hing als een vod neer, waarop nogmaals iets ongelooflijks gebeurde: tegen het vod werden weer nieuwe beelden geprojecteerd. Wat een belevenis!

En de muziek van Wolfgang Rihm? Zij is dwars, tegendraads, zij plooit nergens, hetgeen je toch verwacht als je haar onderdeel maakt van zo’n aangrijpende videocompositie. Door de abstractie wordt zij daar tegengesteld aan: het technocratische maakt dat emotie ver naar achteren schuift en hetgeen op het podium gebeurt vooral statisch van aard is. De musici van Ensemble Intercontemporain, die op dit gebied toch heel wat gewend zijn, zaten verkrampt achter hun lessenaars, met de ogen gefixeerd op de partituur, hetgeen de vraag opriep wat dirigent Dylan Corlay daar deed. Er was geen ensemblelid dat tijd had om naar hem te kijken. De partituur was daarvoor te dwingend.

Airelle-Besson-Foto-Gemma-van-der-Heyden-JazzNu.com_ Silbersee streeft John Zorn op November Music voorbij
Trompettiste Airelle Besson

AIRELLE BESSON

Mooi in de programmering was het optreden van het Airelle Besson Quartet. De Franse trompettiste is een opgeruimd persoon, die ongeremd op het podium staat, allercharmantst haar composities aankondigt en haar bandleden alle ruimte laat voor eigen initiatieven. Ze liet zich begeleiden door een slagwerker, toetsenist en een zangeres. Die laatste, Isabel Sorling, kon lang niet altijd boeien. Haar dromerige zang- en neurielijnen deden wel heel erg new-age en daardoor achterhaald aan. Arielle Besson speelde vooral muziek van haar album Radio One. Met het titelstuk opende ze, waarbij de op hol geslagen maar gelukkig in de juiste richting galopperende toetsenist de toon zette. Klonk de stem van Isabel hier nog esoterisch, verderop ging ze improviseren met haar ten dienste staande elektronische apparatuur. Soms, op de momenten dat er daadwerkelijk woorden werden gezongen, werden geen potten gebroken. Want wat moet je nu met ‘Around the world, I’m in the sky above’? Wat in elk geval wel werd bereikt was dat de stem gaandeweg vast onderdeel werd van de bezetting. En daar zal het wel om te doen zijn geweest. Dat kon je tenminste afmeten aan de lach die doorschemerde achter de embouchure van de trompettiste/leidster.

Katinka-Polderman-Foto-Gemma-van-der-Heyden-JazzNu.com_ Silbersee streeft John Zorn op November Music voorbij
Vertelster Katinka Polderman in ‘Over de beiaardier die in een klok veranderde’.

KATINKA POLDERMAN

Een intiem verhaaltje over een kind dat beiaardier wil worden. Beter nog: een grote beiaardier wil worden. En die na zijn dood als klok tussen de mensen terugkeert. Een tragiekomedie die cabaretière Katinka Polderman zichzelf in handen legde, daarbij geassisteerd door componist Jorrit Tamminga en het film- en performanceduo Paul en Menno de Nooijer. Over de beiaardier die in een klok veranderde is de titel. Opnieuw een multimediavoorstelling waarbij de kleine beiaardier letterlijk aanhaakte bij de kleine dromen van Katinka Polderman. Wat uitmondde in een tere, kwetsbare en vooral intieme vertelling, ondersteund door live-muziek van vier musici en prachtige, kunstig geconstrueerde filmbeelden die op zich al een verhaal vertellen. De makers ervan, Paul en Menno de Nooijer figureerden op het podium als acteurs. Dit alles leverde een elektronische fabel op, waarvan de kracht schuilt in de lieflijke kleinheid van alle zaken waarmee de voorstelling is opgebouwd.

RINUS VAN DER HEIJDEN
Foto’s GEMMA VAN DER HEYDEN

November Music 2017
Diverse locaties ’s-Hertogenbosch, 3 t/m 6 november

Ensemble Intercomporain / 33 1/3 Collective
Wolfgang Rihm – No More Masterpieces

John Zorn-dag
John Zorn – orgel St. Janskathedraal
Brian Marsella – piano in ‘Bagatelles II’
Asko | Schönberg – Chamber Music

Airelle Besson Quartet
Airelle Besson – trompet
Isabel Sorling – zang
Benjamin Moussay – piano en toetsen
Fabrice Moreau – slagwerk

Silbersee – Homo Instrumentalis
Composities van Yannis Kyriakides, Georges Aperghis, Luigi Nono

Katinka Polderman/Jorrit Tamminga/Paul en Menno de Nooijer – Over de beiaardier die in een klok veranderde
Katinka Polderman – vertellingen
Eric Bosgraaf – fluiten
Izhar Elias – gitaar
Jorrit Tamminga – compositie en elektronica
Bart de Vrees – percussie
Paul de Nooijer – filmbeelden en performance
Menno de Nooijer – filmbeelden en performance

November Music duurt nog tot en met zondag 12 november.

 

www.novembermusic.net

Vorig Artikel

Opening November Music groots en triomfantelijk

Volgend Artikel

Jazznu over: John Coltrane

Geen Reactie

Laat een bericht achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *