Concertrecensies

Takuya Kuroda zigzagt blij door zijn dagelijks leven

Wat meteen opvalt bij het concert van Takuya Kuroda en zijn band is de afwezigheid van trombonist Corey King, een van de kernmuzikanten op het nieuwe album Zigzagger. Hij is aan het toeren met Esperanza Spalding. Het publiek heeft er alle begrip voor, vooral omdat Craig Hill op tenorsaxofoon al snel een waardige aanwinst bewijst te zijn. Hill en Kuroda vullen elkaar prachtig aan in verfijnde duetten. Het mooie en warme timbre van hun instrumenten geeft kippevel en ze geven elkaar ook de ruimte voor uitmuntende solo’s. Dat geen ander lid van de band de zang op zich neemt, geeft een ander karakter aan sommige composities dan op het album. Niet minder goed, niet beter, alleen een andere interpretatie.

Takuya-Kuroda Takuya Kuroda zigzagt blij door zijn dagelijks leven
Takuya Kuroda

Dat de uitverkochte zaal van Sugarfactory een tijdje langer moet wachten op het begin van het concert heeft een goede reden. Een volle reisdag met een flinke treinvertraging vanuit Berlijn hebben Takuya Kuroda c.s. een late aankomst bezorgd. De musici komen zonder aankondiging het podium op en zetten bij wijze van introductie het eerste stuk in. En meteen beginnen muziek en ook publiek te swingen. De kop is eraf. Kuroda neemt met een brede glimlach de microfoon en vertelt hij hoe blij hij is om ‘eindelijk’ in Amsterdam te zijn, waarna hij zijn medemuzikanten voorstelt.

DAGELIJKS LEVEN

Veel van de composities zijn geinspireerd door Koruda’s dagelijks leven: mensen die hij ziet of ontmoet, bijzondere plekken, speciale momenten. Zo is No Sign, leren we, een ode aan een gezellige bar in zijn adoptiebuurt Brooklyn, zo eentje die je moet kennen omdat daar op straat geen enkel bordje naar verwijst. En zijn inspiratie voor I Don’t Remember How It Began legt hij uit met een knipoog, is een avondje uit wanneer door gezelligheid, dans, mensen en drank, hij de tijd vergat tot in de kleine uren. Opmerkelijk is de vrolijke en optimische toon van de stukken, nog eens onderstreept door Kuroda’s humor en glimlachende onderonsjes van de muzikanten.

Craig-Hill Takuya Kuroda zigzagt blij door zijn dagelijks leven
Craig Hill

“Soms is het leven niet makkelijk, soms is het leven niet moeillijk, maar het mag nooit rechtdoor gaan”, zo legt hij uit. “Het is altijd zigzaggen.” En zo ook zigzagt hij door zijn (muzikale) leven, nieuwsgierig, leergierig naar verschillende stijlen, mensen, genres en ervaringen. In dat opzicht is Zigzagger autobiografisch. Takuya Kuroda heeft een behoorlijke muzikale reis afgelegd tot nu toe. Als kind speelde hij in een Count Basie-bigband, als tiener ging hij over naar traditionelere jazz met oude wijzen in Kobe (Japan). Na zijn verhuizing naar Amerika als twintiger kwam er een academischer leerfase van muziek en instrument. Zes jaar speelervaring in een afrobeatband met cruciale invloeden van Fela Kuti had grote invloed op Koruda’s ontwikkeling. Bij het grote publiek werd hij de laatste jaren vooral bekend als vaste muzikant bij Jose James.

JOSE JAMES

Na drie eerdere door Kuroda zelf uitgebrachte albums, verschafte Jose James hem ook de impuls die zijn solocarrière nodig had om zich verder te ontplooien. Hij bood zich aan als producent van Rising Son, Kuroda’s eerste soloalbum bij Blue Note (2014), dat ook werd opgenomen met James’ vertrouwde band. Met Zigzagger neemt Kuroda stappen om zijn eigen stem verder te ontwikkelen. Niet alleen door het album zelf te produceren, maar ook om avontuurlijker te zijn door het mengen van stijlen en meer te experimenteren met elektronische muziek en ‘vloeiende’ toetsen.

Takeshi-Ohbayashi Takuya Kuroda zigzagt blij door zijn dagelijks leven
Takeshi Ohbayashi

Als recentste aanwist van deze band (al is hij er ook al vijf jaar bij) toont Takeshi Ohbayashi ook deze avond zijn veelzijdigheid op de Fender Rhodes en toetsen, door soms ondersteunend met de ritmepartij te spelen en andere keren zich juist te mengen met de melodieën van trumpet en tenorsaxofoon. Hij oogt heel serieus, bijna streng als hij ijzersterke solo’s speelt. Maar zijn glimlach en communicatie met onder andere drummer Adam Jackson verraden zijn genot van het moment. Drums en bas vormen een strakke ritmische basis en hoewel we wel een glimp krijgen van de behendigheid van Rashaan Carter tijdens een bijzonder groovy funknummer, blijven ze allebei vooral op de achtergrond als goed geoliede ritmemachine.

En dat is maar goed ook. Want de muziek navigeert tussen soul en hiphop, met uitstapjes naar funk en afrobeat. Hier en daar zijn elektronische invloeden te horen en sommige solo’s zijn uitgesproken jazzy. Dat Takuya Kuroda Robert Glasper en Fela Kuti noemt als belangrijke inspiratiebronnen is geen verrassing. Niet alleen in zijn afwisseling en vermenging van genres, maar ook in zijn benadering van musiceren is dat merkbaar. Zijn muziek lijkt het gevolg van situaties en gevoelens te zijn, een illustratie van zijn eigen dagelijks leven, maar ook de vrucht van een ware collectieve samenwerking. En net als deze sleutelfiguren, weet hij zijn kunde op zijn instrument te tonen, maar is hij net zo belangrijk als catalysator voor de talenten om zich heen.

Takuya-Kuroda-2 Takuya Kuroda zigzagt blij door zijn dagelijks leven
Takuya Kuroda

TIJD OM

Als de organisatie van Sugarfactory hem vertelt dat na anderhalf uur de tijd om is en hem jammer genoeg op een botte manier van het podium wegstuurt – zonder hem de mogelijkheid te geven voor een toegift – kijkt hij verbaasd, evenals het publiek. De tijd is voorbij gevlogen, iedereen, muzikanten en luisteraars, had er makkelijk nog een uurtje van kunnen genieten, want ‘we don’t remember how it began’.

tekst en beeld SOPHIE CONIN

Takuya Kuroda
Sugarfactory Amsterdam, 08 november 2016

Takuya Kuroda – trompet
Craig Hill – tenorsaxofoon
Takeshi Ohbayashi – toetsen
Rashaan Carter – elektrische bas
Adam Jackson – drums

 www.takuyakuroda.com

 

Vorige bericht

Popa Chubby raast door blues en nog veel meer stijlen

volgende bericht

Drie hoogtepunten in drie dagen bij November Music