‘Jazz in de schaduw’ brengt licht in de duisternis
Vijftien onderbelichte musici, dat zijn de bouwstenen voor een boek dat journalist en jazzonderzoeker Jeroen de Valk onlangs op de markt bracht. De titel ‘Jazz in de schaduw’ sluit hier naadloos op aan.
Jeroen de Valk was ruim twintig jaar jazzrecensent van het Parool, schrijft al vanaf de jaren tachtig over jazz en heeft zich in de loop van de jaren doen kennen als een specialist op leven en werk van trompettist Chet Baker. Hij publiceerde in 1989 een biografie van Chet Baker, in 2007 gevolgd door een geactualiseerde versie. Als Baker al niet bekend was, dan werd hij het wel door het spitwerk van Jeroen de Valk, dat ook in zes andere talen werd gepubliceerd.
Het is daarom vreemd dat Jeroen de Valk zijn ‘protégé’ Chet Baker tot de vijftien in de schaduw verkeerd hebbende jazzmusici rekent. De reden zal wel zijn geworteld in de familiaire band die de auteur in de loop der jaren met de nagedachtenis van de trompettist heeft opgebouwd.
Dat zou ook de reden kunnen zijn dat Jeroen de Valk een hoofdstuk met Kenny Napper heeft opgenomen. Niet dat Napper een verkeerde keuze is, integendeel. Maar ook hier klinkt opnieuw net iets te veel familiegevoel door. Jeroen de Valk heeft het conservatorium in Den Haag gevolgd, waar Napper les gaf. En dat zal de lezer weten! Elders in het boek schemert het eigenaardige trekje dat de schrijver zich op welke manier ook vereenzelvigt met zijn onderwerp, nog meerdere malen door. Dat is jammer, want het ondermijnt het professionele karakter van het boek. De schrijver hanteert nergens de ik-vorm, maar zijn aanwezigheid op een aantal pagina’s is soms te opdringerig.