Marquis Hill Quartet zoekt met gelaagdheid grenzen van zijn genre
Op de verjaardag van hoofdgast Marquis Hill hing een verwachtingsvolle spanning bij het publiek in het praktisch uitverkochte Bimhuis, en werd de jarige enthousiast toegezongen toen hij met zijn band het podium betrad.
Trompettist Marquis Hill, aangekondigd als een bruggenbouwer tussen post-bop, R&B en hiphop, trad aan met een strak ingespeeld kwartet. Wat volgde was geen demonstratie van virtuositeit alleen, maar een zorgvuldig opgebouwde muzikale vertelling waarin traditie en hedendaagse invloeden naadloos in elkaar overvloeiden.
Hill werd op het podium vergezeld door pianist Mike King, bassist Junius Paul en drummer Corey Fonville — een klassiek jazzkwartet in bezetting, maar met een uitgesproken eigentijdse klankopvatting. Die keuze voor het kwartetformaat werkte in zijn voordeel, het gaf ruimte aan individuele stemmen zonder het collectief uit het oog te verliezen. Vanaf de eerste noten werd duidelijk dat deze musici niet simpelweg begeleiders zijn, maar volwaardige gesprekspartners.
Het repertoire was grotendeels afkomstig van Hills project Composers Collective Beyond the Jukebox, waarin hij composities van collega’s en eigen werk samenbrengt. Die aanpak sluit aan bij een lange jazztraditie waarin muzikanten elkaars stukken interpreteren en heruitvinden. In de praktijk resulteerde dit in een set die constant van kleur verschoot: van dromerige, bijna meditatieve passages naar scherp gearticuleerde grooves met duidelijke invloeden uit neo-soul en hiphop.
Hill zelf speelde met een opvallende beheersing. Zijn toon is warm maar gelaagd, en hij vermijdt opzichtig machtsvertoon. In plaats daarvan bouwt hij zijn solo’s zorgvuldig op, vaak beginnend met fragmentarische motieven die zich langzaam ontvouwen tot langere lijnen. Daarbij viel vooral zijn timing op, hij durft stiltes te laten vallen, waardoor elke inzet gewicht krijgt.
Pianist Mike King fungeerde als spil van het ensemble. Zijn spel was harmonisch rijk, met subtiele verwijzingen naar gospel en moderne jazz. Junius Paul gaf op elektrische bas een aardse, soms gruizige ondergrond, terwijl Corey Fonville met zijn flexibele, vaak polyritmische drumpatronen het geheel een nerveuze energie meegaf. Het kwartet klonk hecht, maar nooit voorspelbaar.
Wat dit concert bijzonder maakte, was de manier waarop Hill zijn visie op Black Music als een breed, onderling verbonden spectrum hoorbaar maakte. De invloeden uit verschillende genres werden niet als losse stijlcitaten gepresenteerd, maar als geïntegreerde bouwstenen van een persoonlijke taal. Daardoor voelde de muziek zowel historisch geworteld als urgent en hedendaags.
Marquis Hill brak internationaal door na het winnen van de Thelonious Monk International Jazz Competition in 2014, een prijs die eerder carrières lanceerde van grote namen binnen de jazz. Sindsdien ontwikkelde hij zich tot een artiest die zich niet laat vastpinnen op één stijl, maar voortdurend zoekt naar nieuwe verbindingen binnen en buiten de jazztraditie. Zijn discografie toont een duidelijke evolutie: van meer traditionele post-bop naar een hybride vorm waarin ook elektronische en urban invloeden hun plek hebben gevonden.
In het Bimhuis bewees Hill dat deze ontwikkeling geen conceptuele exercitie is, maar een levendige praktijk. Het publiek kreeg geen nostalgisch jazzconcert voorgeschoteld, maar een dynamisch, gelaagd optreden dat de grenzen van het genre opzoekt zonder zijn kern te verliezen. Daarmee bevestigde Hill zijn positie als een van de meest relevante trompettisten van zijn generatie.
MARQUIS HILL - COMPOSERS COLLECTIVE BEYOND THE JUKEBOX
Bimhuis Amsterdam, 15 april ‘26
Marquis Hill – trompet
Mike King – piano en toetsen
Junius Paul – contrabas en basgitaar
Corey Fonville – drums






