Het is geen nieuws om te constateren dat wat de meeste lezers van JazzNu onder jazz verstaan, een steeds kleiner aandeel op North Sea Jazz uitmaakt. Is NSJ geen jazzfestival meer en heeft pop-gerelateerde muziek de jazzfunctie overgenomen? Verre van dat. Dat het merendeel van de bezoekers voor pop en aanverwante muziek komt mag waar zijn, maar naar goede tot uitmuntende jazz hoeft echt niet te worden gezocht. Sterker nog, het is geen probleem want jazz is nog steeds zo ruim vertegenwoordigd dat moeilijke keuzes onvermijdelijk zijn. Na de heerlijke opening op vrijdag (zie het fotoverslag in JazzNu) ging het jazzfeest de volgende twee dagen op volle sterkte verder.

Cory Wong

Dat de opening op vrijdag misschien wat tegenviel, werd helemaal goed gemaakt met de hervatting op zaterdag. Het werd vanaf de eerste noot in de al meteen volgestroomde Nile een groot feest met gitarist Joe Bonamassa en het Metropole Orkest. Het grote Metropole Orkest had alles vermeden wat de rol van Bonamassa zou kunnen verstoren. De gitarist verzoop niet in een overweldigende hoeveelheid strijkers, maar werd juist constant gestimuleerd en uitgedaagd door het bescheiden opererende orkest, dat hem helemaal los liet gaan met opwindende blues-licks, zodat hij kon laten horen dat hij tot de top van de levende blues-rockgitaristen behoort.

Joe Bonamassa

De eerste mooie verrassing was binnen, en de tweede diende zich meteen aan in de kleine Yenisei waar het piano-basduo van Atzko Kohashi en Tony Overwater na de heftige Nile, op een andere manier – met intieme muziek – de zaal doodstil kreeg. Kohashi kroop in de vleugel, werd bijna onzichtbaar en liet elke noot jubelen en zingen dankzij haar fenomenale timing. Overwater bespeelde zijn contrabas met dezelfde liefde en liet zijn noten samenvloeien met die van Kohashi. Dit superduo swingde van nature zonder het op te dringen, en liet de jazzstandards als nieuw klinken.

Atzko Kohashi

Van intimiteit hoeft drummer Guy Salamon het niet te hebben. Zijn septet staat bekend om zijn enthousiasme, kwaliteit en humor. De nadruk lag nu op kwaliteit. Salamons sterke composities werden door de top van in Nederland wonende muzikanten, ook geweldige solisten, opgestuwd. Een bijzondere rol was weggelegd voor gitarist Teis Semey wiens spel onvergelijkbaar is met dat van Joe Bonamassa, maar zeker zo heftig.

Guy Salamon

Semey en Bonamassa, en later die dag de meer in de funkscene passende Cory Wong, waren niet de enige indrukwekkende gitaristen. Mary Halvorson was er ook, al kon ze door een vliegtuigvertraging pas aan het einde van de avond toen bijna alles was afgelopen, in de kleinste nog geopende zaal spelen. Het was het wachten waard. Onbewogen als een bescheiden schooljuf kijkend, wachtte ze de soundcheck af, om daarna in een wild beest te veranderen. Wat had ze een geweldig sextet meegenomen. 

Teis Semey

Halvorson liet het publiek een kwartiertje genieten van de mooie sound van het orkest, hield zichzelf nog rustig, en kwam daarna met haar vrije jazzimprovisaties los van de grond. De rol van vibrafonist Patricia Brennan was een opvallende. De vibrafoon is meestal een instrument voor accentjes en solo’s. Dat laatste deed Brennan ook, net zo wild als Halvorson, maar zeker zo indrukwekkend was haar bijdrage aan de sound van het orkest, waarbij zij de vibrafoon als een guirlande om de omfloerste sound van de groep slingerde.

Patricia Brennan

De North Sea Jazz compositie-opdracht was dit jaar gegund aan saxofonist Kika Sprangers. In vrijwel al haar groepen speelt zang een grote rol. De compositie-opdracht maakte het mogelijk om flink uit te pakken en het Nederlands Kamerkoor op te nemen in haar sextet. Het Kamerkoor bestaat uit twaalf zangers en zangeressen voor wie alles op vocaal gebied mogelijk is. Hun natuurlijke habitat is klassieke muziek, maar van Kika mochten ze zich nu ook een jazzkoor noemen. 

De compositie kende geen overkoepeld thema, maar was opgebouwd uit korte, vaak impressionistische liedjes, met het koor als de verbindende factor. De liedjes waren mooi, het koor fantastisch, en toch bleef het gevoel knagen dat er met zo’n koor meer in had kunnen zitten. Vaak werd woordloos een achtergrond aangebracht bij de liedjes, maar de enkele keren dat met woorden werd gezongen kwam de integratie van het koor met de jazz van Kika beter tot zijn recht. Het koor was naar de smaak van deze recensent te vaak een mooi lint om de cadeauverpakking, terwijl het eigenlijk zelf bij het cadeau hoorde.

Kika Sprangers

Naast de jongste generatie Nederlandse muzikanten was er ruimte voor de oervaders van de Nederlandse jazz. Mogen we zeggen; de mastodonten van de vaderlandse jazz? Voor tenorsaxofonist Hans Dulfer en drummer Han Bennink is dit een eretitel. Samen op een podium zou veertig jaar geleden onmogelijk geweest zijn. Ze spraken een andere jazztaal en verstonden elkaar niet meer. Met de jaren – Hans is 85 en Han 83 – is het inzicht gekomen dat een goed gesprek toch nog mogelijk is. 

Han strompelt het podium op en slaat daarna met de energie van een twintigjarige zijn drumstel aan gort. Dulfer is wat ouder dan Bennink en mag dan ook wel een beetje rammelen met zijn tenorsax. Met zijn kamerbrede toon is overigens niets mis. De set duurt maar dertig minuten, maar desondanks staat Han halverwege op, zegt dat hij een rib heeft gebroken en echt niet verder kan spelen en loopt het podium af. 

Hans Dulfer

Hans doet of hij het niet gehoord heeft en zet een nieuw nummer in. Bennink strompelt met gezonde tegenzin terug naar het drumstel en laat door nog harder te drummen horen dat het met zijn rib wel meevalt. Een stukje toneel dat Bennink zijn hele leven opvoerde, toen nog met Misha Mengelberg.  

Han Bennink

Met zangeres Samara Joy is het snel gegaan. Vier jaar geleden maakte ze haar Nederlandse debuut in een Eindhovens café voor hoogstens een man of vijftig. Nu stond ze in een van de grootste zalen met een capaciteit voor vijfduizend mensen en was het te vol om de honderden mensen die nog buiten stonden binnen te laten. 

Samara Joy

Samara Joy wordt met Jazzmeia Horn tot de grootste jazzzangeressen van deze tijd beschouwd. Ieder heeft een eigen stijl. Samara houdt zich nog steeds bij het zingen van jazzstandards en doet dat op haar manier. Ze swingt, ze fraseert perfect en heeft een goede podiumpresentatie. Haar concert was een eerbetoon aan de grote jazzzangeressen die haar voor gingen. Liedjes van Betty Carter, Carmen Mc Ray, Ella Fitzgerald, haar grote voorbeeld Sarah Vaughan en anderen, werden op haar manier gezongen. 

Kendric McCallister

Samara deed haar naam eer aan. Wat een plezier straalde van haar af, en wat een risico’s durfde ze te nemen. Ze draait haar hand er niet voor om, om als een blues shouter te schreeuwen en daarbij spatzuiver te blijven zingen. Of om haar tenorsaxofonist Kendric McCallister middenin zo’n standard een lange en fraai opgebouwde free-jazzsolo te gunnen.

Tekst en foto’s TOM BEETZ

NORTH SEA JAZZ FESTIVAL

Ahoy’ Rotterdam, 12 juli ’25

JOE BONAMASSA & METROPOLE ORKEST

Jules Buckley – dirigent
Joe Bonamassa – gitaar en zang
Dannielle DeAndrea – achtergrondzang
Jade MacRae – achtergrondzang
Josh Smith – gitaar
Reese Wynans – toetsen
Calvin Turner – contrabas
Lemar Carter – drums
Met musici van de Jacob Collier Band en het Metropole Orkest

TONY OVERWATER EN ATZKO KOHASHI

Atzko Kohashi – piano
Tony Overwater – contrabas

GUY SALAMON GROUP

Sam Newbould – altsaxofoon
Lucas Martinéz – tenorsaxofoon
Alistair Payne – trompet
Ian Cleaver – trompet
Teis Semey – gitaar
Xavi Torres – piano
Brodie Jarvie – contrabas
Guy Salamon – drums

MARY HALVORSON AMARYLLIS SEXTET 

Adam O’Farrill – trompet
Jacob Garchik – trombone
Mary Halvorson – gitaar
Nick Dunston – contrabas
Tomas Fujiwara – drums
Patricia Brennan – vibrafoon

HANS DULFER EN HAN BENNINK

Hans Dulfer – tenorsaxofoon
Han Bennink – drums

NORTH SEA JAZZ COMPOSITION PROJECT KIKA SPRANGERS

Kika Sprangers – altsaxofoon
Alistair Payne – trompet
Reinier Baas – gitaar
Tijs Klaassen – contrabas
Jonas Burgwinkel – drums
Nederlands Kamerkoor: Bethany Shepherd, Bobbie Blommesteijn, Mónica Monteiro, Åsa Olsson, Eline Welle, Frankse van der Wiel, Albert van Ommen, Emilio Aguilar, William Knight, Gilad Nezer, Jasper Schweppe, Jouke Wijmenga – zang

SAMARA JOY

Samara Joy – zang
Kendric McCallister – tenorsaxofoon
Jason Charos – trompet
Donavan Austin – trombone
Connor Rohrer – piano
Paul Justin Sikivie – contrabas
Evan Sherman – drums

www.northseajazz.com

Previous

North Sea Jazz: alles wat we kenden kan dus nog beter of nieuwer

Next

North Sea Jazz blijft nog wel dagenlang in je lijf hangen

2 comments

  1. Ik moest erg lachen om de recensie van Han en Hans. Ze spelen al jaren samen en hebben altijd contact gehad en gehouden. En die plastic sax? Dat is een Selmer.

    1. De plastic sax van Hans was een grapje van de recensent. Maar omdat dit kennelijk serieus kan worden opgevat als zou Dulfer op een plastic saxofoon spelen, hebben wij die kwalificatie weggehaald.

Comments are closed.

Lees ook