Achtergrond

Eric Boeren bespreekt met collega’s diepte van muziek

Hij zegt van zichzelf heel stellig dat hij geen interviewer is. Toch is jazzmusicus Eric Boeren initiator van een meer dan interessante serie interviews die voorlopig op YouTube worden geplaatst. Zie ze maar als huiskamergesprekken tussen musici onderling, zo zegt hij. Onder de noemer ‘Musicians Talk’ komen er vijf afleveringen, de eerste twee, over pianisten en gitaristen, zijn al on-line.

Eric Boeren, jazzmusicus en interviewer.

Jazeker, hij is geen interviewer, maar heeft bij deze stiel al wel ervaring opgedaan. Want op meerdere Doek-festivals sprak hij al met musici. Toen Covid-19 zich een jaar geleden aandiende, ging Eric Boeren een plan uitwerken waar hij al langer mee rondliep: gesprekken opzetten met musici, die interessant zouden zijn voor publiek. Het Bimhuis in Amsterdam was meteen geïnteresseerd, stelde zijn ruimte en technische benodigdheden beschikbaar, Doek (groep improviserende musici, die zich bezighoudt met onderzoek, experimenten en optredens, rvdh) tekende voor de financiering en Eric Boeren mocht zijn gang gaan.

Musicians Talk, zo ging het initiatief heten. In juli van het afgelopen jaar werden vijf series gesprekken opgenomen, waarvan de eerste, met de vier pianisten Guus Janssen, Michiel Braam, Oscar Jan Hoogland en Marta Warelis, onlangs op YouTube is verschenen. Zojuist gevolgd door de serie ‘Gitaristen’. In willekeurige volgorde volgen nog afleveringen met contrabassisten, drummers en trompettisten. Allemaal met interviewer Eric Boeren, die als keuzecriterium vooral heeft gekeken naar musici met wie hij speelde en repeteerde en daardoor redelijk tot goed kende. “Bij deze mensen voel ik me thuis”, verklaart de self-made interviewer.

Een sfeerimpressie van het eerste deel van Musicians Talk; de pianistenaflevering.

Een deel van de musici die zijn uitgenodigd komt dan ook uit de kringen van Doek. Improvisatoren pur sang en in dat licht bezien is het niet vreemd dat ook de aanpak van Musicians Talk grotendeels à l’improviste tot stand komt. Waarmee niet gezegd is dat dit het resultaat beïnvloedt, want de afleveringen zijn meer dan de moeite waard om te bekijken. Eric Boeren gaat onvoorbereid de gesprekken in, zonder training maar wel met het vertrouwen dat wat hij van binnen voelt richting geeft aan wat hij met zijn geestverwanten bespreekt. “Als musici onderling praten, dan ontrollen die gesprekken zich anders dan wanneer er iemand bij is die geen musicus is. Daarom gaat het mij ook niet om een interview, maar om het gesprek dat uit deze bijeenkomsten voortkomt. Zo’n gesprek ontrolt zich, ik probeer wat richting aan te geven en te sturen. Precies zoals het bij een concert ook gebeurt”, zegt Eric Boeren.

Het moeilijkste vindt hij om de gesprekken aan te zwengelen. “Het eerste gesprek dat wij opnamen was dat met de trompettisten Jarmo Hoogendijk, Angelo Verploegen en Jimmy Sernesky. De technici van de Bim hadden meer tijd nodig en zodoende zaten wij al een half uur met elkaar te kletsen. Toen gingen ineens de camera’s aan en hadden wij een half uur nodig om de zaak op gang te brengen. Dit heeft alles te maken met het feit dat al deze musici performers zijn. Sommige bands zijn beter tijdens repetities dan gedurende concerten. En andersom geldt ook. Het zijn allemaal individuen. Een gesprekje met musici na afloop van een concert, in een tuin met een glaasje wijn erbij, verloopt heel anders dan als het voor een camera plaats vindt. Diezelfde mensen maken zich voor de camera belangrijker.” Eric Boeren had tijdens de voorbereidingen voor Musicians Talk gehoopt dat er juist van die amicale gesprekken uit zouden opbloeien, waarbij de ego’s uitgeschakeld werden. “Die zijn er gelukkig zeker”, concludeert hij.

Oscar Jan Hoogland

“Vooral toen we de opnamen begonnen traden die performers naar voren. Die zijn er uit ge-edit. Alle gesprekken duurden minstens anderhalf uur, die hebben we teruggebracht naar een half uur. Ik kan je wel vertellen dat ik na afloop van de serie bekaf was; ik deed drie afleveringen per dag. Je kon me opvegen. Maar het was allemaal goed te doen doordat de jongens van de Bim alles zo goed hadden georganiseerd. Bovendien had ik mijn dochters gevraagd op te treden als gastvrouw. Zo verliep alles prima, terwijl ik niks had voorbereid. Heel fijn, omdat ik niet altijd zeker ben van mezelf. Maar ik ben in het verleden door schade en schande wijzer geworden.”

De vijf afleveringen besloegen twaalf uur beeldmateriaal. Eric Boeren ging het met een andere musicus bewerken, maar die werd ziek. Zo waren pas eind september de definitieve edits voorhanden. “Maar dan treden er toch nog wat foutjes naar voren, zodat we weer een maand verder waren voordat alles echt af was. Of het Bimhuis ook gaat uitzenden? Goeie vraag, daar hebben we het nog niet over gehad. Mijn enige ambitie was de serie alleen op YouTube te plaatsen. Vanaf daar zouden we dan wel verder gaan kijken. Maar ik ga nu meteen bezien of de afleveringen ook via het Bimkanaal de lucht in kunnen en of zij ze willen linken.”

Michiel Braam

Voor Eric Boeren stond het al aan het begin van zijn plannenmakerij vast, dat het Bimhuis the-place-to-be was. “Ik heb gepleit voor de Bim, omdat het echt het huis is van de musici”, zegt Eric Boeren. “In die zin wilde ik daar ook opnemen, want boven alles geldt dat het vooral huiskamergesprekken moesten worden. Daarom is ook de keuze gevallen op mensen die ik heel goed ken, ik probeer te vermijden dat er teveel buitenbeentjes opduiken, die buiten de strekking van de serie vallen.”

Eric Boeren zelf heeft ontzettend genoten van de gesprekken. Er is gekozen voor één instrument per serie. En daardoor kon de koperblazer Eric Boeren er ook nog het een en ander van opsteken. “Bij de pianistenaflevering zei Oscar Jan Hoogland op zeker moment dat Cor Fuhler met zijn geprepareerde piano en op toetsen balans heeft gezocht tussen improvisaties en melodische situaties. Dat doen veel musici, ze zijn bezig met klankonderzoek om zodoende een mooi geluid op hun instrument te creëren. Veel musici kunnen die twee zaken niet mengen. Cor had daar een oplossing voor bedacht. En toen Oscar Jan dat uitlegde dacht ik: wat mooi!”

Marta Warelis

Ook de andere instrumentalisten verbaasden Eric Boeren nog. “Als je op een instrument een bepaald geluid creëert, ga je daar een dynamisch gebruik van maken. Dat geldt voor alle instrumenten. Trompettisten zoeken naar extremen op hun instrument, die bepalen het middengeluid. Bij drums bijvoorbeeld ben ik altijd gefascineerd hoe het snarentrommeltje wordt gestemd. Waarom spelen Martin van Duynhoven en Han Bennink met zo’n harde spanning en Michael Vatcher niet? Intrigeert me. Ik had nog nooit gehoord dat als je de brug van een gitaar hoger of lager stelt en de afstand tussen de snaren en hals groter wordt, je harder kunt spelen dan dat ze dicht bij elkaar zijn, omdat de snaar dichter bij de fret staat. En dan gaan gitaristen praten over de dikte van de snaar; 0,8 of 0,9. Jasper Stadhouders speelt op wat hij noemt een 12. Ik vond het reuze interessant als dit soort dingen werd besproken, omdat ik daar niet van op de hoogte was. Leuk toch als zulke zaken in de gesprekken naar voren komen en dat je dan van elkaar weet hoeveel inspanning dit alles kost.”

“Hetzelfde geldt voor de piano. Guus Janssen speelt elke dag Debussy, voor Michiel Braam geldt een heel ander verhaal. Hij is veel meer behept met het natuurlijke vermogen van de piano. En hoeft daardoor niet zo hard te studeren”, lacht Eric Boeren.

Guus Janssen

Er zijn plannen voor een nieuwe serie, bevestigt Eric Boeren. “In juli toen we opnamen, hadden we ook saxofoons voor ogen. Maar toen de versoepelingen rond corona kwamen, waren al die saxofonisten weg. Ik wil er nog wel mee aan de slag, maar er zijn er zoveel dat ik twee afleveringen moet maken. Wat overige instrumenten betreft, moet ik wel een bepaalde noemer hebben om ze bij elkaar te krijgen. Ik heb nog plannen voor vier, vijf andere van die noemers. Ik zou ook graag een aflevering met publiek doen: waarom komen mensen naar concerten, wat motiveert hen? Maar dit plan is nog heel vaag.”

Alle gesprekken worden in het Engels gevoerd. Dit uiteraard met het oog op buitenlanders die bij de serie terecht komen. “Ik wil de serie internationaal toegankelijk hebben. Ik heb nu al reacties uit Canada, de Verenigde Staten, Engeland en Duitsland. Het is een kleine wereld waar wij in zitten. Maar de pianistenserie op YouTube heeft al zo’n vierhonderd mensen getrokken. Ik weet niet precies wat dit wil zeggen, maar ik ben er maar wat blij mee!”

RINUS VAN DER HEIJDEN
Foto’s BEELDEN UIT DEEL 1 MUSICIANS TALK

WWW.ERIC BOEREN.NL

KLIK HIER VOOR MEER INFORMATIE OVER MUSICIANS TALK 

Previous post

De kwetsbare Lotte

Next post

TivoliVredenburg, vandaag, morgen, gisteren en altijd

No Comment

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *