Cd-recensies

‘I Play Me’: Dion Nijlands indrukwekkende krachttoer

Een solo-album is vrijwel altijd de ultiemste uitdrukking van het wezen van een musicus. Alleen een plaat volspelen en dit dan ook nog tot genoegen van hemzelf én de luisteraar vereist durf, creativiteit en inzicht. Contrabassist Dion Nijland nam de handschoen op en zette een robuuste piketpaal neer: ‘I Play Me’.
Alleen spelen; een musicus is vaak niet anders gewend. Tijdens zijn of haar opleiding worden uren, dagen, maanden, jaren doorgebracht achter het instrument. Oefenen en repeteren tot in het oneindige, dat is het lot van een zichzelf serieus nemende musicus. Dat solo-aspect is dus meestal geen punt. Maar om wat je in je hoofd hebt, dat je gaat uitproberen, waarmee je gaat experimenteren, oefenen, repeteren en uiteindelijk aan vinyl toevertrouwt, dat is andere koek.

In de geschiedenis van de jazz zijn solo-albums vaak mijlpalen. Ze zijn in handen van hen die die geschiedenis mee hebben geschreven. Voor deze recensent is Sun Percussion van Famoudou Don Moye uit 1975 misschien wel de mooiste solotour die ooit is vastgelegd. De slagwerker van het Art Ensemble of Chicago was, evenals al zijn medemusici uit dit orkest, een grootmeester op allerlei percussie-instrumenten. Hetzelfde geldt overigens voor andere leden uit het orkest, Joseph Jarman en Malachi Favors. Zij durfden het eveneens aan voor de hele wereld solo hun binnenste open te gooien.

Het zijn vooral pianisten die solotoeren uithaalden. Maar ook vele contrabassisten gingen Dion Nijland voor. Met op kop William Parker die in 1998 Lifting The Sanctions uitbracht, een uitbarstende vulkaan van emoties, die gaan van kalmte tot onrust en alles wat daar tussen ligt. En laat dit nu net ook de spiegel zijn die Dion Nijland ons voorhoudt. Want zie wat hij hierover zelf zegt: “Als ik speel is er geluid, energie, chaos en stilte.” Om daaraan toe te voegen en meteen de titel van zijn cd te verklaren: “Als ik speel, dan gaat het om mij. Ik speel mezelf.”

Dion Nijland doet dat in negentien korte stukken, die grotendeels zijn geïmproviseerd. Enkele slechts zijn uitgeschreven. Het evenwicht van I Play Me is evenwel zo stabiel dat je zonder toelichting niet weet wat improvisatie en wat compositie is. Hetgeen niets uitmaakt, omdat de negentien stukken zó’n hecht geheel vormen dat ze van elkaar losmaken geen optie is.

I Play Me is een prachtplaat. Geheel akoestisch smeedt Dion Nijland een verbond met zijn contrabas. Hij strijkt, plukt, vervormt en zet in Head Hands And Hums en Janna’s Jive zelfs even zijn stem in. Dit alles ter meerdere eer en glorie van wat hij met I Play Me wil uitdrukken: kijk, hier ben ik, dit is Dion, dit is mijn instrument, dit is mijn muziek en zo leef ik. Deze nog geen 38 minuten durende krachttoer had best de eeuwigheid mogen aantippen, wat die dan ook mag betekenen. Maar wellicht kostte deze krachttoer zoveel inspanning dat meer dan 38 minuten er niet in heeft gezeten. Het zij zo: I Play Me is gewoon geweldig.

RINUS VAN DER HEIJDEN

 

DION NIJLAND
I PLAY ME

Trytone

Dion Nijland – contrabas

WWW . DION NIJLAND . COM

WWW . TRYTONE . ORG

WWW . TOONDIST . NL

Previous post

Nationaal Podium Plan gaat op 1 juni van start

Next post

Huiskamerconcert van trio Lazarevitch-Sluijs-Verbruggen

No Comment

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *