In België is Jean-Paul Estiévenart een grote naam aan het worden, in Nederland is hij hoofdzakelijk bekend in de kringen rond gitarist Reinier Baas en altsaxofonist Ben van Gelder. Het kan raar lopen, twee landen die elkaars buren zijn en dan elkaars muzikale inwoners nauwelijks kennen. Onterecht, want de 31-jarige Jean-Paul Estiévenart is een fenomeen op de trompet. Nu al.

Eind vorig jaar bracht hij de cd Behind The Darkness uit, een schijf met elf stukken waarvan de Brusselaar er negen voor zijn rekening neemt. De andere twee zijn van de hand van Antoine Pierre (Lost End) en Wayne Shorter (Miyako). Tien stukken speelt Jean-Paul Estiévenart met een trio, bij het elfde voegt zich tenorsaxofonist Steven Delannoye. In een interview met JazzNu vertelde de trompettist meermalen dat Miles Davis en Freddie Hubbard zijn grote voorbeelden zijn. Natuurlijk klinkt daar iets van door op Behind The Darkness. Maar als iemand – zoals hierboven – als fenomeen wordt gekenschetst, dan is het vrijwel logisch dat hij heel wat meer in de melk heeft te brokkelen dan zijn grote voorbeelden naspelen. Dat blijkt overduidelijk uit de ruim vijftig minuten durende muziek van deze cd.

Jean-Paul Estiévenarts spel bezit een ongekende flexibiliteit. Hij schakelt bewonderenswaardig van hoog naar laag en maakt intervallen daardoor een belangrijke bouwsteen van zijn concept. Nergens duikt daarbij mannetjesputterij op: in alle composities is hij volstrekt naturel en speelt hij alsof het de eenvoudigste zaak van de wereld is. Dat is gedeeltelijk te danken aan zijn rijke fantasie en uitdrukkingswijze, maar zeker ook aan de vele klankkleuren die hij aan zijn instrument onttrekt. En er daarbij in slaagt voortdurend een eigen geluid te bewaken. Plus te voorkomen dat je toch telkens aan musici als Miles Davis en in Estiévenarts geval aan Freddie Hubbard moet denken. Zelfs als hij op een eigenzinnige wijze zijn trompetdemper inzet, zoals in het stuk MOA.

Het is niet alleen het spel van Jean-Paul Estiévenart dat imponeert, zijn composities doen dat ook. Ze klinken fris, nergens geforceerd en blijven de interesse wekken, ook al hebben sommige diepere lagen. De muziek klinkt even logisch als de wijze waarop de trompettist haar uitvoert. Aan dat laatste draagt dan weer een nieuwe bijzonderheid van deze intrigerende cd bij: de aanwezigheid van contrabassist Sam Gerstmans, maar meer nog die van slagwerker Antoine Pierre. Deze laatste is vooral bekend als bandlid van TaxiWars, maar bij Jean-Paul Estiévenart staat zijn spel centraler. Het is bijna ongelooflijk hoe hij begeleidt en zich tegelijkertijd als een solist door de muziek beweegt. Antoine Pierre is een mirakel op slagwerk en het vooruitzicht dat hij met zijn 25 jaren nog een lange toekomst om zich te ontwikkelen voor de boeg heeft, laat je nu al de adem inhouden.

Behind The Darkness is een machtig album. Jean-Paul Estiévenart noemde het zo om twee redenen: zijn herinnering aan zijn jeugd, die zich grotendeels afspeelde in een mijngebied in Wallonië en de tweede aan de moeilijkheden die een mens in zijn leven tegen komt, met name bij zijn zucht naar perfectie. Met deze cd heeft de trompettist die tweede reden voor dit moment ver achter zich gelaten.

RINUS VAN DER HEIJDEN

Jean-Paul Estiévenart – Behind The Darkness
Igloo Records

Jean-Paul Estiévenart – trompet
Sam Gerstmans – contrabas
Antoine Pierre – slagwerk
Steven Delannoye – tenorsaxofoon (in één compositie)

www.jeanpaulestievenart.com

Previous

Batik-nieuwe-stijl herbergt grote potentie in zich

Next

Spotify Peter Beets

Lees ook