Cd-recensies

Monk in Concertgebouw overdondert voortdurend

De enkele jazzliefhebber die Thelonious Monk nog nooit hoorde spelen en wel eens iets heeft opgevangen over zijn meer dan afwijkende spel op piano, heeft aan het intro van het derde stuk op deze cd genoeg om een gedegen indruk te krijgen van hetgeen deze pianoreus vermag. In CREPUSCULE WITH NELLIE hoor je niet alleen Monks bizarre behandeling van het muzikale verhaal, het is vooral zijn spel met ontbrekende noten, onverwachte stiltes en soms hamerende akkoorden dat in de tijd dat de muziek op deze JACKIE-ING, Thelonious Monk Live in Amsterdam May 1961 werd gepresenteerd, menigeen de mond liet open vallen.

cover-monkDit meer dan bijzondere album is het achtste in de intrigerende serie die het Nederlands Jazz Archief uitbrengt met muziek van legendes in de jazz. Het zijn allemaal opnames die in het Concertgebouw in Amsterdam zijn gemaakt in de jaren vijftig en zestig. In de tijdlijn van de jazz gezien is dit Monk-album spitsroedenloper in de serie, omdat Nederlandse jazzliefhebbers de pianist voornamelijk van naam kenden. Hem zien en horen spelen, dat was een ander verhaal.

De muziek op deze cd is een registratie van het laatste van twee ingelaste concerten, op zaterdag 20 mei 1961 in het Concertgebouw en is nooit eerder uitgebracht. Monk speelde maar één set, een van drie kwartier. Hij begon met Jackie-ing, een acht minuten durende compositie en werkte vervolgens thans heel bekende stukken van hemzelf af: Straight No Chaiser, Crepuscule With Nellie en Well You Needn’t. Monk dacht het concert te eindigen met zijn versie van Body And Soul, maar het razend enthousiaste publiek dwong als toegift Just A Gigolo af.

Hoogtepunt van de cd is meteen dat Just A Gigolo, een twee minuten durende solo van Monk, die een tergend langzaam tempo heeft, je steeds doet vrezen dat het érgens mis moet gaan, maar toch op verbluffende wijze kaarsrecht overeind blijft. Hetzelfde geldt voor de tweede uitvoering van Crepuscule With Nellie, een van de zes bonustracks op de plaat.

Monk is in elke noot prominent en dwingend aanwezig. Hij eigent zich vele chorussen toe, waardoor het prachtige saxofoonspel van Charlie Rouse naar het tweede plan wordt verwezen. Vreemd, want deze tenorist moest in die jaren opboksen tegen toen al legendes als John Coltrane, Coleman Hawkins en Sonny Rollins. Waarbij het Rouse verrassend lukte een eigen, origineel geluid te onderhouden.

Opvallend is ook de aanwezigheid van Monk in de begeleiding. Hij maakt als je niet geconcentreerd luistert, een ongeïnteresseerde indruk. Maar niets is minder waar. Onder de contrabasklanken van John Ore en het slagwerk van Frankie Dunlop plaatst Monk steeds één noot, laat dan een bijna ontoelaatbare stilte vallen, om daarna de volgende noot toe te voegen. En zo verder en verder. Zijn spel werkt verdovend en hypnotiserend, je zou het bijna een oervorm van minimal music kunnen noemen.

Het 45 minuten durende concert in Amsterdam op die zaterdagnacht in mei staat helemaal op deze prachtige cd. Maar zoals opgemerkt zijn er zes bonustracks toegevoegd. Ze duren 28 minuten en zijn opgenomen op 15 april 1961 door de AVRO-tv. Monk speelde toen voor een klein publiek in Studio Irene in Bussum. Hij eindigt de opname met het thema van Epistrophy, een 1.11 minuut durend, overdonderend slot.

RINUS VAN DER HEIJDEN

Thelonious Monk Quartet – Jackie-ing
Dutch Jazz Archive Series

Charlie Rouse tenorsaxofoon
Thelonious Monk piano
John Ore contrabas
Frankie Dunlop slagwerk

Vorige bericht

Wild Man Conspiracy trekt door jungle vrije muziek

volgende bericht

Bij John Engels begint de shit elke dag weer opnieuw

Geen reacties

Laat een bericht achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *