Concertrecensies

Tin Men en Metropole Orkest verleggen grens van jazz nú

Het concert is al een aantal maanden geleden aangekondigd als een bijzondere muzikale avond. Het hedendaags jazztrio Tin Men & The Telephone ontmoet het Metropole Orkest voor twee concerten. Wie het trio kent weet dat het zich laat inspireren door alledaagse geluiden als beltonen, voicemailgesprekken en youtube-video’s. Het trio kenmerkt zich vooral door het geven van multi-mediale, interactieve optredens. Frontman Tony Roe bespeelt de piano niet alleen als muziekinstrument, maar ook als computertoetsenbord, om onder meer berichten te typen. 

dirigent-en-toetsen
Dirigent Jules Buckley en Tony Roe.

Wie het Metropole Orkest de afgelopen jaren heeft gevolgd weet dat het niet alleen hard aan de weg timmert om zich te profileren als een van de meeste swingende jazzorkesten van Europa, maar ook dat het steeds vaker uitdagende, eigentijdse muzikale experimenten aangaat. Een vruchtbare creatieve ontmoeting tussen deze twee leek dus alleen een kwestie van tijd.

Een paar dagen voor het concert wordt per e-mail een link gestuurd naar de Tinmendo-app. Want inderdaad, een nieuwe stap in Tin Men’s proces van muziekbeleven, is om zich niet alleen te laten inspireren  door social media en de online wereld, maar zich ook daardoor te laten leiden. Zo wordt aangekondigd:  ‘Met de smartphone-app Tinmendo kun je invloed uitoefenen op het concert. […] Maak je eigen akkoorden, melodieën en ritmes waarop de gelegenheidsformatie gaat improviseren.’ De ‘buzz’ rond dit concert is op een heel actuele manier via social media, e-mail en app opgebouwd. Van korte filmpjes van de repetities tot een ware ‘timelapse’ van het opbouwen op lokatie. En dat net één dag voor dit bijzondere optreden, op een markante lokatie – De Hallen Studio in Amsterdam – ook nog eens bekend wordt dat het Amsterdamse jazz- en improtrio dit jaar een van de drie genomineerden is voor de jaarlijkse kunstprijs van de stad Amsterdam, is natuurlijk perfecte timing.

Jules Buckley.
Jules Buckley

WITTE STOELEN

Er zijn al redelijk veel mensen aanwezig als de deuren opengaan. Iedereen heeft ook op sociale media kunnen zien hoe het publiek echt tussen de muzikanten mag zitten, op de witte stoelen en velen zijn op zoek naar ‘de beste plek’. Sommigen zijn nog bezig de mobiele app te downloaden, anderen lukt het niet helemaal om hem aan de praat te krijgen; men helpt elkaar.

Het publiek is heel gemêleerd. Van vrienden en familieleden van de muzikanten, tot mensen die hier een paar uur voor hebben gereisd. Nagenoeg alle generaties zijn vertegenwoordigd, wel met een meerderheid van dertigers en veertigers. Alles is wat onwennig: er zijn bijna net zoveel stoelen voor muzikanten als voor toeschouwers, de ruimte is vrij kaal, maar wel omringd door vier enorme schermen, het orkest komt onaangekondigd het podium op en iedereen mag, of beter gezegd moet, zijn telefoon inclusief geluid aan laten staan.

De Tin Men; Tony Roe, Pat Cleaver, Bobby Petrov plus Metropole Orkestdirigent Jules Buckley nemen ook hun plek in. Middels een op de piano ingetoetste melodie die zich omtovert in een op de schermen tekstueel verschijnende boodschap, opent Tony Roe de avond. Gedurende het optreden wordt af en toe duidelijk dat voor de muzikanten zelf, ondanks hun jarenlange ervaring en twee volle dagen aan repetities, deze opzet en samenwerking ook nog enigszins wennen is. Dit leidt tot onderonsjes tussen verschillende partijen en zelfs een giechelmomentje bij de trombones.

Foto Sophie Conin
Pat Cleaver

Deze muzikale ontmoeting is een volwaardig gezamenlijk creatieproces. Er wordt dus moeiteloos door alle deelnemers geaccepteerd dat niet alles perfect en kant en klaar is. Het is niet zo dat een deel van de mensen muziek creëert of maakt en het andere deel muziek ‘consumeert’. Ieders instelling is erop gericht om zijn rol zo goed mogelijk te spelen, om een mooie muzikale avond en een speciale ervaring te laten ontstaan. Het publiek wordt gevraagd om op drie verschillende momenten ritme, harmonieën en melodieën te uploaden. Op basis van reacties, applaus en discussies kiezen dirigent Buckley en frontman Roe de beste uit. Deze worden aan het slot van de avond samengebracht in een nieuwe geïmproviseerde compositie, als pronkstuk van deze digitale, interactieve jazz-creatieavond.

OPDRACHTMOMENTEN

Deze ‘opdrachtmomenten’ worden afgewisseld door het spelen van bestaande composities. Maar ook daarin heeft het publiek een rol. Tijdens een prachtig gevoelig solostuk, stuurt Roe’s piano licht en geluid aan op onze telefoons die zich om de beurt verlichten of in luidsprekers veranderen. Op een ander moment kan gekozen worden wie er als volgende mag soleren, de cello ‘wint’ met overmacht de eerste keer.

Foto Sophie Conin
Het Metropole Orkest met Tony Roe. Op de achtergrond een interactief scherm dat deel uitmaakt van het concert.

Het proces en de ervaring worden bijna belangrijker dan de muziek zelf. Toch is het muzikaal niveau heel hoog. Dat blijkt uit het feit dat zo’n grote groep muzikanten dit creatieve proces zo ‘makkelijk’ kan laten lijken. Met dynamiek, finesse en flexibiliteit geeft Bobby Petrov, in combinatie met de sterke percussionisten van het MO,  een rol aan de drums die breder is dan alleen een ritmesectie. Met name solo’s van de saxofoonsectie van het MO zijn een bevlogen aanvulling op de originele composities van Tin Men. Multitasker Roe heeft een hele drukke avond. Hij laat gelukkig niet alle technische snufjes in de plaats komen van zijn pianospel, dat nu eens grenst aan jazzklassiekers, dan weer flirt met freejazz. De contrabas van Pat Cleaver met aanvulling van de contrabas, cello en strijkerssectie van het MO verschaft een strakke basis, soms als enige ankerpunt temidden van allerlei ‘beweeglijke’ delen.

Wat deze avond ook aangenaam maakt, is een flinke dosis humor en een hoog speelgehalte. Niet alleen in wat er gevraagd wordt aan het publiek, maar ook de manier waarop. Het publiek bepaalt of drummer of percussionisten de solo op zich nemen door een telefoon-schud-wedstrijd, waar ook nog bijgehouden wordt wie de beste en de slechtste schudder van de zaal is. Dit schept een ontspannen, speelse sfeer, wat ook weer de creativiteit bevordert. En als het derde keuzemenu alternatieven als ‘I’m bored’en ‘I hate orchestras’ bevat, dan worden de schaterlachen en grapjes van de toeschouwers ook onderdeel van de uitvoering.

Bobby Petrov
Bobby Petrov

ZINTUIGEN

Licht, video’s, gesprekken, app, geluiden, instrumenten, menselijke interacties, zo’n avond prikkelt veel zintuigen en houdt alle aanwezigen een paar uur druk bezig. Zoek niet verder om een ‘mindful-’ of ‘in het moment’-ervaring te hebben! Om eerlijk te zijn, een recensie in woorden en foto’s doet geen recht aan wat deze avond werkelijk is. Het is en zal een avond blijven waar je bij geweest moet zijn om goed te beseffen wat er gebeurd is en hoe bijzonder het was. Reflecterend op de avond, een paar dagen verder, vraag ik me af in hoeverre het proces en de interactiviteit toch enigszins ten koste gaan van het echt waarderen van de muziek. Werden zintuigen en mensen misschien iets teveel geprikkeld? Als je bijvoorbeeld zou kiezen om niet mee te doen met de app en erbij  te zijn als een meer passieve toeschouwer, zou je dan meer aandacht besteden aan het luisteren en appreciëren van de muziek?

Tin Men & The Telephone en in het bijzonder deze ontmoeting met het Metropole Orkest, bewijst hoe veelzijdig, innoverend en opwindend recente ontwikkelingen in jazz zijn. In een recent artikel vroeg jazzcriticus en historicus Ted Gioia zich af : ‘Is pop the future of jazz?’. Als ‘pop’ gezien wordt in zijn bredere en oorspronkelijke betekenis van ‘popular culture’ – en niet alleen in de zin van ‘popmuziek’ – dan laat dit soort concerten en experimenten zien dat jazzmuzikanten veel te winnen hebben bij het omarmen van YouTube, apps, crowdsourcing enzovoorts. En waar het gebruik van social media de norm geworden is en al niet meer vernieuwend is, lijkt de onvervalste interactiviteit (van muzikanten van verschillende genres, ingenieurs,  audiovisuele kunstenaars en publiek) nieuwe grenzen te kunnen verleggen voor de jazz anno nu.

tekst en beeld SOPHIE CONIN

Metropole Orkest Meets Tin Men & the Telephone
De Hallen Studio’s, Amsterdam, 3 juni 2016

Tony Roe – piano, toetsen, App
Pat Cleaver – contrabas
Bobby Petrov – drums

Metropole Orkest onder leiding van Jules  Buckley

www.tinmenandthetelephone.com

www.mo.nl

NOOT VAN DE REDACTIE: Arrangeur, componist en musicus Martin Fondse laat weten dat de arrangementen tijdens dit concert van zijn hand waren, plus die van Tom Trapp en Willem Friede. “Zonder arrangeurs geen samenklank tenslotte”, concludeert Martin Fondse. JazzNu sluit zich daar graag bij aan en kent Martin, Tom en Willem de eer toe die hen toekomt.

Previous post

Dave Liebman: 'Waarom spelen jonge mensen nog jazz?'

Next post

Carmen Souza bouwt met Theo Pascal groots feest

No Comment

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.