Concertrecensies

Martin Lawrence verrast, verbijstert en verwart 

trompet2 Martin Lawrence verrast, verbijstert en verwart 
Ambrose Akinmusire.

Ambrose Akinmusire, ja die kennen we wel. Thomas Pridgen en Mike Aaberg nauwelijks en Martin Lawrence al helemaal niet. Om met de laatste te beginnen: in werkelijkheid is hij een Amerikaanse komiek en acteur, maar in het verband van voornoemde drie anderen is zijn naam gegeven aan een gloednieuwe groep, waarin een trompettist, toetsenist en slagwerker huizen: Martin Lawrence dus.

Het trio is zo nieuw dat het tijdens een drie weken durende Europese tournee nog pas enkele concerten heeft gegeven. Vooraan in de rij stond Paradox, waar Ambrose Akinmusire met zijn mannen deze avond optrad. Een avond vol verrassingen, vol verbijstering ook. Want Martin Lawrence is als een flipperkast, waarin de bal allerlei richtingen uitschiet en waarvan je nooit weet waar hij terecht komt. Bij dit trio uiteindelijk bij de jazzstandard Tenderly, hetgeen leidde tot een van die verbijsteringen. Want het contrast met de rest van de avond had niet groter kunnen zijn.

VOLLEDIG ZOEK

Martin Lawrence is duidelijk nog speurend naar een gezamenlijk muzikaal concept. Naar muzikale uitgangspunten mag ook, want die waren met name in de eerste set volledig zoek. Trompettist Ambrose Akinmusire, toetsenist Mike Aaberg en vooral slagwerker Thomas Pridgen opereerden volstrekt afzonderlijk van elkaar, waarbij ze ieder hun eigen klankterrein afbakenden. Daardoor groeide het optreden uit tot drie soloconcerten, die toevallig op hetzelfde podium plaatsvonden. Hoe je het concert ook wilt omschrijven mag iedere aanwezige voor zichzelf uitmaken, maar het woord eenheid valt daar zeker niet onder.

drum Martin Lawrence verrast, verbijstert en verwart 
Thomas Pridgen.

Manifest aanwezig was Thomas Pridgen. Hij is een technisch uitermate begaafde slagwerker, die veel van de aanwezigen in verwarring bracht, maar zich daarmee tegelijkertijd tot publiekslieveling verhief. In de eerste set bracht hij een imposante solo, vol vertragingen en versnellingen. In een razende, nauwelijks te volgen vaart, waarbij hij kans zag op verschillende momenten nóg meer te versnellen. Hij sloeg ware slagwerkregens met de linkerhand, die volledig afweken van de tragere, keiharde klappen uitdelende rechter. Je moest meerdere malen met de ogen knipperen om te zien of er toevallig geen twee drumbeesten aan het werk waren.

Mike Aaberg had aan een Hammondorgel, Moog-synthesizer en Fender Rhodes genoeg om melodisch te ondersteunen, vette baspatronen rond te strooien en waar hij het nodig vond zijn vakmanschap op alle drie de instrumenten te etaleren. Alleen: waar diende dit alles toe? Dat werd pas duidelijk in de tweede set, toen er een ondiepe bedding werd gegraven die enigszins richting ging geven aan het groepsspel. Zo kon het gebeuren dat de Hammond onder de onweders van het slagwerk door raasde. Als je zulke momenten tegen de traditie van de jazz afzet, zou je kunnen zeggen dat Wild Bill Davis een workshop had ingericht, waar ook een avant-gardedrummer als Milford Graves voor had ingeschreven.  Onwaarschijnlijk, maar waar.

toetsen Martin Lawrence verrast, verbijstert en verwart 
Mike Aaberg.

WONDERBOY

De show werd volledig ingepikt door Pridgen en Aaberg, al zou je verwachten dat met een wonderboy als Akinmusire in de frontlinie zij daarvoor geen kans zouden krijgen. De trompettist leunde net iets té vaak werkeloos tegen de in een duister hoekje geschoven piano. Maar als hij speelde, dan opende zich de Doos van Pandora. Die toon, zo levendig, omfloerst bijna, nergens overblazen. Volledig akoestisch, geen elektronica, geen computer, geen pedalen, niets dan alleen die trompet. Kalm en waardig vormde hij een nieuw, heftig contrast met de zenuwpezen rechts en links van hem.

Thomas Pridgen, volledig in de ‘oorlogskleuren’ van de rastafari’s, – met wapperende dreadlocks, neus- en huidversieringen – droeg, ook al in de kleuren van de reggae, een t-shirt met daarop de prominente tekst A day to remember. Dat zal hij wel niet met opzet hebben aangetrokken, maar het was in elk geval een boodschap die Martin Lawrence wél naliet.

trompet Martin Lawrence verrast, verbijstert en verwart 
Ambrose Akinmusire.

RINUS VAN DER HEIJDEN
beeld GEMMA VAN DER HEYDEN

Martin Lawrence
Paradox Tilburg, 4 februari ’16

Ambrose Akinmusire – trompet
Mike Aaberg – Fender Rhodes, Moog-synthesizer, Hammondorgel
Thomas Pridgen – slagwerk

Lees meer over Ambrose Akinmusire:  November Music 2015

Vorige bericht

Edward Capel bouwt een mooi imperium van eigen klanken

volgende bericht

Steven Kamperman: muziek als een vogeltje in de open lucht 

2 Comments

  1. arie
    6 februari 2016 at 19:50 — Beantwoorden

    De drummer een publiekslieveling? Voor een heel select deel van de mensen in Paradox deze avond dan toch zeker? Ik vrees dat dit concert nog lange tijd zal doorsuizen in de oren want dit was echt hard… meedogenloos onnodig hard…

  2. Petra Eckhart
    27 maart 2016 at 12:42 — Beantwoorden

    Goed verwoord! Ik was in Bird en en liep tegen hetzelfde aan: geweldige drummer! Perfect voor een soloconcert, maar niet geschikt voor samenspel, tenminste niet met deze twee heren, die geen tegenwicht kunnen geven. Ik zou hem wel eens willen horen met een bassist die tegen hem is opgewassen! Aaberg kon mij niet boeien en Ambrose liet zich volledig wegdrukken. Ik vraag me af wat de heren zelf van hun project vinden… Ik vermoed dat de problemen niet zozeer een gebrek aan muzikale kwaliteiten zijn, maar dat het meer een ongelukkige combi van persoonlijkheden is…

Laat een bericht achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *